Gebit
Zeg ’s aaa!
Wie van tandenpoetsen bij zijn pup of kitten een regelmatig terugkerend spelletje maakt, heeft het slim bekeken. Geen poetsprotesten, geen tandsteen, wél gezonde tanden en een dier met een frisse adem.
Kittens en pups worden - net als baby’s - zonder tanden of kiezen geboren. De aanleg voor het melkgebit is wel aanwezig. Op een leeftijd van 3 tot 6 weken komen de eerste melktanden door. Dan volgen de hoektanden en als laatste verschijnen de kiezen. Als ze een maand of twee zijn, is het melkgebit compleet.
Een kitten heeft dan een mond vol, met in totaal 26 melktanden en -kiezen, een pup 28. En ja, ook jonge poezen en honden gaan wisselen. Het verruilen van het melkgebit voor de set blijvende tanden en kiezen begint bij de kat op ongeveer 4 tot 5,5 maand en is voltooid wanneer ze 6 à 7 maanden zijn.
Bij honden hangt het tijdstip van wisselen af van het ras en de rasgrootte: grote hondenrassen wisselen vaak vroeger dan kleine.
Wisselen is voor kittens en pups vaak pijnlijk. Als reactie daarop kunnen ze gaan bijten op uw schoenen of meubilair. Geef ze ter afleiding én om uw spullen heel te houden, een bijtspeeltje. Ook kunt u de pijn wat verzachten door voorzichtig het tandvlees te masseren met een in koud water gedompeld en goed uitgewrongen washandje. De kou verzacht de pijn en de massage bevordert de doorbloeding van het tandvlees.
Dubbele tanden
Tijdens het wisselen wordt de melktand opgelost door de blijvende tand die eronder ligt en wil doorbreken. Uiteindelijk valt de melktand uit. Heel soms vindt u hem ergens in huis, maar veel vaker wordt hij doorgeslikt en komt hij er met de ontlasting weer uit. De blijvende tand neemt de plaats in van de uitgevallen melktand.
In sommige gevallen lost de melktand niet goed op en blijft hij zitten. De blijvende tand zal dan in een verkeerde richting doorbreken. Er kan dan bijvoorbeeld een dubbele hoektand ontstaan. Let hier goed op bij het wisselen, want als dit gebeurt zal de dierenarts de melktand moeten verwijderen.
Het is daarom verstandig om met pups en kittens van ongeveer zeven maanden bij uw dierenarts niet alleen langs te gaan voor een gezondheidscontrole, maar vooral om te laten checken of het wisselen goed is verlopen.
Verscheuren en verbrijzelen
In ruil voor zijn melkgebit krijgt een kat 30 volwassen tanden en kiezen; en een hond 42. We onderscheiden snijtanden (incisivi), hoektanden (canini), valse kiezen (premolaren) en ware kiezen (molaren).
De hoek- en snijtanden van een kat zijn uitermate geschikt voor het afscheuren van stukken vlees van hun prooi, terwijl de kiezen met hun puntige vorm zelfs botten kunnen verbrijzelen.
De hond gebruikt zijn hoektanden vooral voor het verwonden of doden van prooidieren, knipt stukken van de prooi af met zijn puntige kiezen en heeft ook plattere kiezen die hij gebruikt om mee te kauwen.
Dat klinkt vervaarlijk, maar het duurt, na het wisselen, nog ongeveer een jaar voor de tanden hun volledige sterkte hebben. Laat jonge honden dus nooit te hard trekken tijdens spelletjes met (flos)touwen en botten en dergelijke.
Donkerbruine aanslag
Wat is er allemaal nodig om het gebit van uw dier gezond te houden? Regelmatige poetsbeurten om de vorming van tandsteen tegen te gaan. Na elke maaltijd hopen zich voedsel en speeksel op die zich hechten aan tanden en kiezen - met name ter hoogte van de tandvleesrand. Deze zachte geelbruine substantie heet tandplak en is met tandenpoetsen te verwijderen.
Tandplak die niet verwijderd wordt kan verharden tot een donkerbruine aanslag die niet meer weg te poetsen is. Dat is tandsteen.
Tandsteen leidt uiteindelijk tot het terugtrekken en vervolgens ontsteken van het tandvlees. Ontstoken tandvlees ziet er rood uit, bloedt makkelijk, is pijnlijk en zorgt bovendien voor een slechte adem (halitose). Ontstoken tandvlees geeft bacteriën in de bek de kans om de bloedbaan in te gaan en zich te verspreiden door de rest van het lichaam. Deze bacteriën kunnen zelfs leiden tot hart- en nierproblemen.
Maar gaatjes dan? Bij mensen leidt tandplak toch tot cariës? Gaatjes komen niet voor bij katten en hooguit bij héle hoge uitzondering bij honden. Dat komt omdat het speeksel van honden en katten geen amylase bevat. Dat enzym breekt koolhydraten af, waardoor suiker (glucose) in de mond vrijkomt. En dat kan gaatjes veroorzaken.
Poetsles
Een kitten of pup kan spelenderwijs leren dat tandenpoetsen niet vervelend is en zal er dan snel aan wennen. Begin eenvoudig. Neem uw kat of hond op schoot (of laat hem zitten tussen uw benen) en wrijf met de vingers over de buitenkant van de wangen ter hoogte van de achterste kiezen. Dit stimuleert de speekselklieren en zo het zelfreinigende vermogen van de mondholte.
Til daarna alleen de lip een paar seconden op en beloon hem bij goed gedrag. Als uw hond of kat gewend is aan het optillen van zijn lip, kunt u met uw vinger over de grootste tand (de hoektand) wrijven, terwijl u zijn bek gewoon dichthoudt. Als dit goed gaat, verplaatst u uw vinger langzaam naar achteren in de bek om daar de kiezen te masseren. U kunt hierbij ook een natgemaakt gaasje of vingertandenborstel gebruiken.
De buitenkant van de tanden is het belangrijkst om schoon te maken, omdat uw hond of kat de binnenkant met zijn tong al schoner houdt. Natuurlijk is het wel beter als u ook de binnenkant mee kunt nemen tijdens het poetsen.
Bijtbestendige borstel
Het echte poetswerk gaat het makkelijkst met een speciale honden- of kattentandenborstel. Deze borstels hebben zachte haren en zijn bijtbestendig. Ze zijn verkrijgbaar bij de dierenarts of de dierenspeciaalzaak, net als een speciale katten- of hondentandpasta met een lekker smaakje (vis, kip, lever, vlees).

Gebruik vooral niet uw eigen tandpasta. Die is gemaakt om mee te spoelen en uit te spugen. Doorslikken kan leiden tot braken en/of diarree en bovendien vinden katten en honden de smaak erg vies.
Laat uw hond of kat wennen aan zijn eigen tandpasta door deze eerst op uw vingers of in de bek te smeren. Als dit goed gaat, kunt u hem aanbrengen op de tandenborstel. Poets het gebit het liefst elke dag; net als bij mensen kan zich na elke maaltijd tandplak ophopen op tanden en kiezen. Wanneer tandplak tot tandsteen is uitgehard zal uw dierenarts het moeten verwijderen.
Uitgepoetst? Beloon uw hond of kat dan, met een speeltje of bijvoorbeeld een speciale gebitsverzorgende snack. Behalve tandenpoetsen zijn er ook dierenvoedingen die helpen tandsteenvorming te verminderen. Sommige werken door een schurend effect op de tanden, andere bevatten speciale mineralen tegen tandsteenvorming. Vraag er eens naar bij uw dierenarts.
Vorige pagina: Wegen is weten
Volgende pagina: Praktijken